Categorie: Mijn werk (Pagina 1 van 12)

Ga rustig zitten en laat je meenemen door mijn verzinsels.

Onder de kastanjeboom

‘We kunnen hier niet verder mam.’

‘Mam? Slaap je?’

De stem van Emmet overstijgt de trage achtergrondmuziek van moderne liedjes die ze niet herkent en verbreekt haar soezerige warmte. Ze merkt nu pas dat de motor is stilgevallen en opent haar ogen. Via de achteruitkijkspiegel vangt ze de blik van haar zoon. Cornelia glimlacht. Lees verder

Kruidnagel en nootmuskaat

Toen Jonah haar zag, veranderde zijn leven in een tiental ademloze seconden. Hij ving haar ogen, bruin met bijna goudkleurige lichtjes en haar lach, klaterend als een waterval. Haar lange, donkere haar viel in een dikke vlecht tot aan de onderkant van haar rug, net iets boven de ronding van haar billen. In dat moment veranderde alles. Zijn altijd zo gewone dorp, zijn satu kampung, kreeg allure. De kleuren, geluiden en geuren kregen een andere betekenis en met elke stap die hij in haar richting zette groeide hij. Toen hij met een kleine buiging zijn hand naar haar uitstak voor een dans en zij haar kleine, sierlijke hand in die van hem legde, wist hij dat hij alles zou doen om haar tot zijn vrouw te maken. Lees verder

Achterop de fiets

Ik zou de laatste bus kunnen nemen of een taxi, maar ik heb zin om te wandelen. Voor de kroegen staan mensen in kleine groepjes te roken en sommigen zitten met dekens onder de terrasverwarmers te drinken en te kletsen. Soms zie ik een bekend gezicht en steek ik mijn hand op. Twee jonge meiden op een fiets halen me in. Ze lachen, blond haar wappert achter ze aan en in een flits zie ik mezelf zitten, achterop bij Anouska. Lees verder

Biertjes met een schuimkraag

De kroeg is schemerig en de inrichting oubollig, net als veel van zijn gasten. Ik kijk Ollie vragend aan. Ze knikt, loopt door naar de toog en hijst zich op een barkruk. Ik kijk naar haar kont. Die is groot, rond en omhuld door een strak, glanzend stofje. Lees verder

Altijd zondag

Het alledaagse heeft plaats gemaakt voor een eeuwigdurende zondag. Mijn wereld is gekrompen tot de muren van mijn appartement en een dagelijkse wandeling naar de kruidenier waar ik op anderhalve meter netjes op mijn beurt wacht. Op werkdagen start ik mijn computer op en verlies ik mezelf meer dan normaal in het schrijven en lezen van rapporten, virtuele meetings en calls met mijn collega’s. Mijn pauzes breng ik door op de trap bij de ingang van mijn complex in de hoop dat er iemand langs komt om op veilige afstand een praatje mee te maken. Er zijn dagen dat ik niemand zie. Mijn kleine autootje staat al weken stil een heeft inmiddels een lichtgroene waas van alle pollen die in deze tijd door de lucht waaien. Ik douche elke ochtend en elke avond, soms ook in de middag. Het warme water doet een kleine beetje denken aan jouw warme omhelzing. Lees verder

verhalen bij de open haard

In de brede deuropening van het overdadig verlichte huis staat Sylvia. Haar eens gitzwarte haar is versierd met zilverkleurige strengen en hangt in golven over haar schouders. De fijne lijntjes in haar gezicht breken open als ze met een brede lach en uitgestrekte armen de veranda opstapt om haar gasten te ontvangen.

‘Amelie, wat fijn je weer te zien. Het is te lang geleden. Wie heb je meegebracht?’

Amelie, een kleine vrouw van middelbare leeftijd laat zich wat gegeneerd omhelzen en stamelt nerveus.

‘Mijn dochter en haar vriendje. Ik wist niet … je zei, hoe meer zielen hoe meer vreugd, maar …’
Sylvia lacht en strekt nu ook haar armen uit naar de jonge mensen achter Amelie.
‘Natuurlijk. Wat leuk dat je Nina ook hebt meegebracht. Je dochter is een prachtvrouw geworden. Herken je me nog Nina?’ Lees verder

Door de jaren

Vroeger was het hier anders. Er was een tijd dat het het hier vrolijk was, gezellig en rustig. Nu is er altijd wel wat. Gedoe, drukte, veel bezorgde en verbeten gezichten. Lege ogen. Het is lang geleden dat er hier echt gelachen is. Het is ook lang geleden dat er hier een keer goed schoongemaakt is. Eigenlijk hebben we altijd koude voeten en het vocht kruipt langzaam omhoog. Vuil stapelt zich op in onze hoeken en we zitten onder de graffiti, vlekken en spatten waarvan we de oorsprong niet goed meer weten. Maar ooit was het anders. Hoe lang het geleden is weten we niet precies. Tijd is een vreemd concept als je voeten stevig verankerd zijn en we alleen de buren hebt om mee te praten. Zij aan de overkant staan te ver weg om een fatsoenlijk gesprek mee te voeren, maar gezien de dichtgetimmerde luiken vermoeden we dat hun verhaal zo’n beetje hetzelfde zal zijn als dat van ons. Lees verder

De laatste

In de hoek van het grote kantoor staat een overdadig versierde kerstboom. Eronder ligt een dun tapijt van bruine naalden. Boven de ingang van het kleine keukentje hangt een bosje mistletoe. De kleine, ooit witte besjes zijn vergeeld en de randen van de frisgroene blaadjes beginnen al te verkleuren. Het hoofd van de afdeling staat met een beker koffie onder de boog. Sommige meisjes giechelen verlegen. Het brutaalste meisje verlaat haar bureaustoel, vleit haar lichaam tegen dat van de man en druk haar volle lippen op die van hem. Het gegiechel zwelt aan. De man grijnst, klopt het meisje op haar billen en beent met grote passen naar zijn kantoor. Voor de glazen deur blijft hij staan. Lees verder

« Oudere berichten

© 2020 Vlammende verzinsels

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑

error: Inhoud is beschermd!